Rook- en warmteafvoerinstallaties

Vluchten via een atrium

In gebouwen worden vaak één of meer atria toegepast. In een aantal gevallen moet via deze atria worden gevlucht. Indien in zo'n atrium of in aangrenzende ruimten brand uitbreekt, betekent dit dat de ruimte zich geleidelijk zal vullen met rook. Hierdoor kunnen binnen korte tijd de gangen niet meer worden gebruikt voor ontvluchting, omdat de rookconcentraties te hoog worden. Ook ontstaat er door de oplopende temperatuur een toenemende kans op het spontaan ontbranden (flash-over) van de in het atrium toegepaste materialen. Dezelfde problemen kunnen zich voordoen bij andere hoge ruimten, zoals bijvoorbeeld in industriële ruimten.

RWA

In dergelijke gevallen kan een rook- en warmteafvoerinstallatie (RWA) uitkomst bieden. Hierbij worden na detectie van een brand in een bepaalde ruimte toevoeropeningen (onder de rooklaag) en afvoeropeningen (boven in de ruimte) opengestuurd om de warme rook af te voeren.

Om te kunnen bepalen binnen welke tijd de ruimte zelf of de gangen in een atrium vol komen te staan met rook en wat de temperatuur van de rooklaag zal worden, kan op basis van NEN 6093 of een CFD-model een berekening worden uitgevoerd. Door meerdere situaties door te rekenen, kan de optimale rook- en warmteafvoerinstallatie worden gedimensioneerd.

Deskundigheid

Peutz maakte deel uit van het College van Deskundigen van het Nationaal Centrum voor Preventie en is zo betrokken geweest bij de totstandkoming van de NCP Regeling Rookbeheersingssystemen. Momenteel maakt Peutz deel uit van de Examencommissie Rookbeheersingssystemen.