In eerste instantie beoogde het Ministerie van VROM via een spoedwet een deel van de problemen bij gezoneerde industrieterreinen op te lossen. Dit betreft de blokkade van industrieterreinen vanwege overschrijding van de zonegrens en de ongewenste consequenties van zogenaamde inwaartse zonering. Inmiddels is besloten een en ander in de Crisis- en Herstelwet te incorporeren.
Het verlenen van een Wm-vergunning wordt mogelijk gemaakt als de bijdrage van het bedrijf niet leidt tot een toename van de geluidbelasting van het gehele industrieterrein of als de aangevraagde geluidniveaus in overeenstemming zijn met een door de gemeente opgesteld geluidreductieplan voor het industrieterrein.
Verder wordt de definitie van het begrip industrieterrein in de Wet geluidhinder (Wgh) gewijzigd. Hierdoor krijgt de gemeenteraad in het bestemmingsplan meer beleidsvrijheid om inwaartse zonering binnen het industrieterrein te hanteren.
Het wetsvoorstel ligt voor advies bij de Raad van State. De verwachting is dat de wet per 1 januari 2010 in werking zal treden.
Voor meer informatie: j.oostdijk@zoetermeer.peutz.nl
Naar de nieuwsbrief |
Het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) is vanaf 1 augustus 2009 van kracht. De Wet van 12 maart 2009 tot wijziging van de Wet milieubeheer (implementatie en derogatie luchtkwaliteitseisen) treedt dan in werking. Dit is geregeld middels het Besluit van 26 juni 2009 dat 9 juli 2009 in de Staatscourant is gepubliceerd. Nu het NSL van kracht is kunnen aanzienlijk grotere projecten worden gerealiseerd zonder dat daarbij toetsing aan de grenswaarden voor luchtkwaliteit aan de orde is.
Nu het NSL van kracht is, is sprake van uitstel van de termijn waarop voldaan dient te worden aan de grenswaarden zoals opgenomen in de Wet milieubeheer. Ons land had naar verwachting niet overal kunnen voldoen aan de vanaf 2010 geldende NO2 norm voor de jaargemiddelde concentratie. Door de derogatiebeschikking is de ingangsdatum 1 januari 2015 geworden. De vanaf 2005 geldende normen voor fijn stof worden door de derogatiebeschikking in juni 2011 van kracht.
Nu de programmasystematiek van het NSL werkzaam is, is ook de volledige vorm van “niet in betekenende mate” van toepassing. Concreet houdt dit in dat de zogenaamde “niet in betekenende mate” grens van 3% van de grenswaarde van de jaargemiddelde grenswaarde voor zwevende deeltjes of stikstofdioxide geldt. Indien de toename van elk van beide stoffen niet de toepasselijke grens overschrijdt, vindt verder geen toetsing plaats aan een of meer grenswaarden voor die stoffen. Dat is overigens evenmin het geval voor de grenswaarden voor andere stoffen, omdat zich bij die stoffen (nagenoeg) geen overschrijdingsrisico voordoet.
In de Regeling “niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen)” is een aantal categorieën van gevallen aangewezen die in elk geval als “niet in betekenende mate” worden aangemerkt. Nu het NSL van kracht is kunnen als belangrijkste gevallen worden aangegeven:
kantoorlocaties met een bruto vloeroppervlak van niet meer dan 100.000 m2 in het geval van één ontsluitingsweg dan wel 200.000 m2 in het geval van twee ontsluitingswegen met gelijkmatige verkeersverdeling;
woningbouwlocaties met netto niet meer dan 1500 woningen in het geval van één ontsluitingsweg dan wel 3000 woningen in het geval van twee ontsluitingswegen met gelijkmatige verkeersverdeling;
voor locaties die een combinatie vormen van woningbouw- en kantoorlocatie geldt de volgende voorwaarde: 0,0008 * aantal woningen + 0,000012 * bruto vloeroppervlak van de kantoren in m2 dient kleiner te zijn dan 1,2 (voor het geval van één enkele ontsluitingsweg). In het geval van twee ontsluitingswegen met gelijkmatige verkeersverdeling geldt overeenkomstig het genoemde onder de twee eerste punten.
Voor meer informatie: p.vanvugt@zoetermeer.peutz.nl
Naar de nieuwsbrief |
De Invoeringswet Wabo (Wet algemene bepalingen omgevingsrecht) is op 2 juli 2009 door de Tweede Kamer aangenomen. Deze Invoeringswet regelt de aanpassing van overige wetgeving aan de Wabo. Met de Wabo zal een groot aantal vergunningen tot 1 vergunning worden gebundeld, zoals de bouwvergunning, sloopvergunning, milieuvergunning, kapvergunning en gebruiksvergunning.
Door invoering van de Wabo zal bij milieugeschillen (Wet milieubeheer) de rechtspraak in twee instanties plaatsvinden, te weten de rechtbank, en eventueel vervolgens de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRS). Nu is dat nog in één instantie (alleen ABRS).
Het projectbesluit in de Wet ruimtelijke ordening zal vervallen. Voor het afwijken van het bestemmingsplan is dan een Wabovergunning nodig, die dan gevolgd moet worden (net zoals het huidige projectbesluit) door aanpassing van het bestemmingsplan.
Tevens zijn de twee amendementen Koopmans op de Invoeringswet Wabo aangenomen. Daardoor wordt onder meer een tijdelijke vergunning voor een afvalinrichting van rechtswege aangemerkt als een vergunning voor onbepaalde tijd.
Op 2 juli 2009 zijn tevens het bij de Wabo behorende Bor (Besluit omgevingsrecht) en de Mor (Ministeriële regeling omgevingsrecht) door de Tweede Kamer aangenomen. Hiermee lijkt momenteel de beoogde invoeringsdatum van Wabo incl. Bor en Mor per 1 januari 2010 uit oogpunt van wet- en regelgeving realistisch. Of die datum ook organisatorisch (bij de diverse overheden) en ICT-matig haalbaar is, is minder zeker.
De Invoeringswet Waterwet is eveneens op 2 juli 2009 door de Tweede Kamer aangenomen. Het amendement om met de Invoeringswet Waterwet de inbouw in de Wabo van indirecte lozingen uit te stellen, is verworpen.
Ook de Waterwet bundelt meerdere toestemmingen/vergunningen, zoals vergunningen voor het lozen van verontreinigde stoffen op oppervlaktewater, het onttrekken van grondwater, of het bouwen op een dijk.
De Waterwet kent een meldingenstelsel dat in diverse gevallen de vergunningplicht vervangt. Dat
is vergelijkbaar geregeld als in de Wet milieubeheer.
Een Waterwetvergunning zal in de toekomst digitaal via het Omgevingsloket online aangevraagd dienen te worden, net zoals een Wabovergunning.
Ook voor de Waterwet is de beoogde invoeringsdatum 1 januari 2010. Tot in ieder geval de tweede helft van 2010 echter zal een Waterwetvergunning nog schriftelijk aangevraagd moeten worden.
De volgende stap is dat de beide (gewijzigde) Invoeringswetten door de Eerste Kamer beoordeeld en vervolgens aangenomen of verworpen zullen worden. Wijziging is niet meer mogelijk.
Voor meer informatie: d.suverkropp@mook.peutz.nl
Naar de nieuwsbrief |
Na de invoering van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) op 1 juli 2008 is gebleken dat sprake was van enkele onvolkomenheden. Voorbeelden hiervan betreffen onder andere:
het ontbreken van een wettelijke grondslag voor planschadeovereenkomsten die op of na 1 juli 2008 zijn gesloten via een artikel 19 vrijstelling;
het, voor (oude) bestemmingsplannen, niet aan de actualiseringverplichting van artikel 3.1 van de Wro kunnen voldoen door het vaststellen van een beheersverordening. De beheersverordening (beperkt bestemmingsplan voor niet-dynamische gebieden) geldt thans tevens als actualisatie.
Met de reparatiewet worden in de Wro en de Woningwet bovenstaande en enkele andere (wetstechnische) fouten, zoals verschrijvingen, onjuiste verwijzingen, wetswijzigingen waarbij een foutief artikel- of lidnummer werd genoemd e.d. hersteld. De reparatiewet is d.d. 14 juli 2009 in werking getreden.
Voor meer informatie: k.vandernat@zoetermeer.peutz.nl
Naar de nieuwsbrief |
Minister Van der Hoeven van Economische Zaken heeft 4 miljoen euro beschikbaar gesteld voor een pilot van 1.000 'private innovatievouchers'. MKB-ondernemers worden met deze 'private innovatievouchers' uitgenodigd om ook gebruik te maken van kennis bij andere bedrijven. Dit kon tot nu toe alleen bij publieke instellingen, zoals universiteiten of hogescholen. Vanaf mei 2009 kunnen innovatievouchers voor het eerst worden besteed bij private kennisleveranciers, zoals ingenieursbureaus. MKB-ondernemers kunnen bij Peutz een innovatievoucher inleveren en in het kader van een kennisvraag een onderzoek laten uitvoeren.
Kennis inkopen en onderzoeksvragen uitzetten
Doel van de subsidieregeling innovatievouchers is om het Nederlandse MKB te stimuleren gebruik te maken van de kennis van kennisleveranciers die het bedrijf helpt te vernieuwen. Zo worden ondernemers met behulp van private innovatievouchers in staat gesteld op eenvoudige wijze bij een private kennisleverancier kennis in te kopen en onderzoeksvragen uit te zetten. Het gaat hierbij om voor de ondernemer nieuwe kennis met betrekking tot de vernieuwing van producten, processen of diensten.
Wat is een private voucher?
Een private voucher is een tegoedbon om een onderzoek te laten uitvoeren, bijvoorbeeld bij Peutz. Er zijn twee soorten innovatievouchers; de 'Kleine Innovatievoucher MKB' en de 'Grote Innovatievoucher MKB'. De kleine innovatievoucher heeft een maximum waarde van 2.500 euro. Iedere MKB-ondernemer kan eenmalig een kleine voucher krijgen voor een kennisoverdrachtproject. De grote innovatievoucher heeft een maximum waarde van 7.500 euro. Voor deze vouchers geldt een verplichte eigen bijdrage van minimaal een derde deel van de totale projectkosten. De overheid draagt maximaal 5.000 euro bij.
Wanneer kunt u een private voucher aanvragen?
De 1.000 'private innovatievouchers' worden in principe in twee keer beschikbaar gesteld, met telkens 500 vouchers. In mei 2009 zijn 250 kleine (à 2.500 euro) en 250 grote vouchers (à 7.500 euro) ter beschikking gesteld. Binnen een week waren de vouchers 'uitverkocht'. Verwacht wordt dat het openstellen van de tweede helft van de private vouchers plaatsvindt in het najaar van 2009. Wanneer dit precies gebeurt, is nog niet bekend. Gezien de hoge populariteit verdient het aanbeveling de Staatscourant en/of de webpagina Private Innovatievouchers van SenterNovem in de gaten te houden om tijdig een aanvraag voor een private voucher te kunnen indienen. Zodra de datum van openstelling bekend is, is deze tevens op de website van Peutz te vinden.
Waar kunt u een private voucher aanvragen?
Ondernemers kunnen bij SenterNovem een private voucher aanvragen. Het aanvraagformulier (welke beschikbaar wordt wanneer de vouchers werkelijk kunnen worden aangevraagd) is t.z.t. te vinden onderaan de webpagina Private Innovatievouchers van SenterNovem. Een ondernemer is bij het aanvragen van een voucher niet verplicht al een kennisvraag te hebben. Na het ontvangen van de voucher dient de ondernemer samen met een kennisleverancier zoals Peutz te komen tot een overeenkomst die past binnen de regeling. De organisatie Syntens begeleidt de ondernemer bij het formuleren van de kennisvraag en adviseert aan SenterNovem in hoeverre de overeenkomst binnen de regeling past.
Kennisvraag indienen bij Peutz
Ondernemers die gebruik willen maken van de kennis van Peutz en een onderzoek willen laten uitvoeren, kunnen hun kennisvraag indienen door een e-mail te sturen naar info@mook.peutz.nl onder vermelding van 'Kennisvraag Private Innovatievouchers'. Zodra de opdracht wordt aangenomen, levert u uw private innovatievoucher in bij Peutz. Peutz int de voucher middels een zogenaamd vaststellingsformulier bij SenterNovem zodra de opdracht is afgerond.
Meer informatie en voorwaarden omtrent de private innovatievoucher regeling kunt u vinden via de webpagina Private Innovatievouchers van SenterNovem en een uitgave van de Staatscourant. Voor vragen omtrent het indienen van een kennisvraag bij Peutz kunt u tevens contact opnemen met mevr. Poel, tel.: 024-3570742, email: j.poel@mook.peutz.nl
Naar de nieuwsbrief |
Dat het vaak slecht gesteld is met het binnenmilieu van scholen is inmiddels alom bekend. Om de problematiek nu daadwerkelijk aan te gaan pakken, stelt het kabinet in totaal 165 miljoen euro aan subsidie beschikbaar. De regeling voor het Voortgezet Onderwijs is inmiddels gepubliceerd, de regeling voor het Primair Onderwijs volgt binnenkort. Voor het Voortgezet Onderwijs vindt de verdeling van subsidie plaats op landelijke schaal. Voor het Primair Onderwijs verloopt dit via de gemeenten.
De problematiek wordt met name veroorzaakt door onvoldoende ventilatie in de klaslokalen. Omdat meer ventileren vraagt om een hoger energieverbruik, is het een logische stap om ook energie bij de aanpak te betrekken. Daarnaast is Peutz van mening dat stilgestaan dient te worden bij de geluidproductie van de ventilatievoorzieningen: ventilatoren produceren namelijk ook lawaai dat in een lesomgeving niet gewenst is. Peutz biedt scholen een onafhankelijk advies om het binnenmilieu op een breed spectrum te verbeteren.
Schoolbesturen kunnen voor nadere informatie contact opnemen: M. Valk (regio west, 079 3470310), T. Vervoort (regio oost, 024 3570776), M. Wolfert (regio noord, 050 5204484).
Naar de nieuwsbrief |
Het gemeentelijk monument Central Post, het voormalige expeditieknooppunt van Rotterdam, wordt door de renovatie het duurzaamste monument van Nederland. Het gebouw kent een GreenCalc score label A (MIG 252) en voldoet daarmee tevens aan de ambitieuze eisen aan een 40% CO2-uitstoot reductie ten opzichte van het Bouwbesluit van 2007. Peutz is betrokken als adviseur bouwfysica, akoestiek, brandveiligheid en externe veiligheid.
De belangrijke duurzaamheidsmaatregelen voor het gebouw zijn onder andere het moderniseren van de bestaande klimaatgevel, restauratie en vernieuwing van de kozijnen, thermisch isolerend en zonwerend glas, hoogwaardige isolatie, aansluiting op de stadsverwarming (restwarmte), daglichtafhankelijke en energiezuinige verlichting in de kantoorzones. Door toevoeging van tussenverdiepingen wordt de gebruiksoppervlakte bijna verdubbeld. Central Post krijgt een (semi)openbare plint met leisurefuncties met daarboven kantoorruimte voor een diversiteit aan huurders. Het gebouw wordt eind 2009 opgeleverd.
Zie hier een interview met Dirk de Boer (directeur LSI project investments) over de renovatie van Central Post naar aanleiding van de Dag van de architectuur 2009.
Voor meer informatie: m.valk@zoetermeer.peutz.nl
Naar de nieuwsbrief |
|