Januari 2007

Index | Website | Contact | Afmelden

Aanscherping geluidgrenswaarden AMvB-bedrijven op gezoneerde industrieterreinen

Veel industrieterreinen met een geluidzone op basis van de Wet geluidhinder zitten op slot. Dit heeft voornamelijk een formeel en meestal geen milieuhygiënische oorzaak. Een oplossing voor dit probleem heeft het Rijk gezocht in het verkleinen van de formele geluidruimte van AMvB-bedrijven op dat soort terreinen. Dit oplossingsinitiatief verdient op zich lof; echter bij de feitelijke uitwerking past ook ernstige kritiek.

Het Ministerie van VROM probeert op verschillende wijzen voornoemde onterechte "zoneblokkade" op te heffen. In een Peutz-lezing op het Congres geluid, Trillingen en Luchtkwaliteit van 9 november 2006 zijn deze oplossingen besproken en van kanttekeningen voorzien. Een van de oplossingen moet het Besluit "Efficiënter gebruik geluidsruimte op gezoneerde industrieterreinen" leveren. Dat Besluit is in december 2006 in werking getreden. Daarmee gelden de standaard geluidgrenswaarden voor zogenaamde AMvB-bedrijven, indien gevestigd op een gezoneerd industrieterrein, niet meer ter hoogte van woningen maar op 50 m afstand van de erfgrens. Die standaard geluidgrenswaarden betreffen zowel de zogenaamde equivalente geluidniveaus als de piekniveaus.

Het huidige probleem van "zoneblokkade" is uiterst urgent. De voorgeschreven overgangstermijn van 2 jaar voor bestaande bedrijven betekent dan ook geen snelle oplossing van het probleem, hetgeen een gemiste kans is.

Het probleem van de zoneblokkade betreft alleen equivalente geluidniveaus, niet piekniveaus. Eerder zouden dan ook alleen de grenswaarden voor equivalente geluidniveaus aangepast worden. Echter, in de definitieve versie van voornoemd Besluit is opgenomen dat ook de standaard piekniveau-grenswaarden gelden op 50 m afstand van de erfgrens. Die impliciet aangescherpte grenswaarden worden overschreden indien vrachtwagens in de avond- en nachtperiode (19.00 - 07.00 uur) de poort in- of uitgaan. Dat zal bij veel bedrijven het geval zijn. En adequate geluidreducerende voorzieningen zijn ook meestal niet mogelijk Het heeft er alle schijn van dat het mee-beschouwen van piekniveaus een ondoordachte laatste aanpassing in de afrondingsfase van het Besluit is geweest. Want nu zullen vele bestaande bedrijven formeel binnen de overgangstermijn van 2 jaar een nadere eis-procedure moeten doorlopen. Op te richten AMvB-bedrijven op gezoneerde industrieterreinen zitten vanaf het begin vast aan een nadere eis, hetgeen nooit de bedoeling kan zijn geweest, gezien de beoogde lastenverlichting met de AMvB's.

Voor het merendeel van de AMvB-bedrijven zal de aanpassing van de grenswaarden voor de equivalente geluidniveaus geen beperking voor de bedrijfsvoering veroorzaken. Echter, voor bedrijven met een wezenlijke geluidemissie betekent ook deze aanscherping automatisch een overschrijding, zoals bij grote distributiecentra met veel nachtelijk vrachtverkeer. Het vereist het opleggen van een nadere eis met ruimere geluidgrenswaarden om die overschrijding op te heffen. Voor die procedure is wel de bereidwilligheid van de gemeente noodzakelijk. Voor bestaande bedrijven geldt voornoemde overgangstermijn van 2 jaar. In die periode zou die nadere eis geregeld moeten worden. Zonder die verruiming van geluidgrenswaarden zullen omvangrijke voorzieningen noodzakelijk kunnen zijn, zoals uit onze adviespraktijk blijkt.

Naar de nieuwsbrief



Wijziging Wet geluidhinder per 1 januari 2007 in werking

Na een lange voorbereidingsperiode en intensieve discussies met allerlei partijen is in januari 2007 de gewijzigde Wet geluidhinder (Wgh) dan eindelijk in werking getreden. Deze wijziging Wgh-fase 1 heeft ingrijpende consequenties voor verkeers- en industrielawaai.

Enige belangrijke wijzigingen zijn de volgende.

Algemeen:

  • Hogere waarden worden door de gemeente vastgesteld, met de verplichting deze in het kadaster op te nemen. Procedureel is dit een vereenvoudiging.
  • Het toepassingsbereik van de "dove gevel" is uitgebreid.
  • De Interimwet Stad en milieubenadering is geïncorporeerd (uitsluitend gericht op woningbouw). Daarmee kunnen gemeenten woningbouw toelaten in gebieden waar dat tot overschrijding van wettelijke geluidnormen zou leiden. Voor gemeenten betekent dat meer mogelijkheden voor woningbouw, voor bedrijven het risico van oprukkende woningen.


Voor verkeerslawaai geldt bovendien:
  • Als dosismaat is de etmaalwaarde vervangen door Lden ("den" staat voor day-evening-night) met een 2 dB lagere grenswaarde. Nu al zijn gevallen bekend waarin deze nieuwe grenswaarde tot ernstige beperkingen leidt voor bouwplannen.
  • De saneringsdrempelwaarde is gewijzigd van 55 naar 60 dB(A). De beoogde saneringsdoelstelling is gewijzigd van 55 dB(A) naar 48 dB (Lden).


Voor industrielawaai geldt bovendien:
  • Regulier zonebeheer wordt overgeheveld van de provincie naar de gemeente; alleen in specifieke gevallen blijft de provincie zonebeheerder.
  • In artikel 65 is opgenomen dat - onder voorwaarden - tijdelijk 2 dB(A) verruiming van de grenswaarde behorend bij de zonegrens gehanteerd kan worden. Dit kan onder andere indien de geluidruimte in belangrijke mate wordt ingenomen door AMvB-bedrijven, en er op termijn zicht bestaat op aanscherping van de AMvB-geluidruimte. Indien er op deze wijze geluidruimte beschikbaar komt, dient deze bij voorkeur voor bestaande bedrijven gereserveerd te worden.
  • De mogelijkheid voor het opheffen van de zonering rond industrieterreinen is verruimd.
  • In een aparte ministeriele regeling, gekoppeld aan deze wetswijziging, is de mogelijkheid van extra geluidruimte voor gezoneerde industrieterreinen gecreëerd via de zogenaamde "redelijke sommatie". Die geluidruimte kan evenwel door bedrijven en voor woningbouw worden gebruikt. Er zijn echter argumenten om die extra geluidruimte te reserveren voor bedrijven.

Naar de nieuwsbrief



REACH, de nieuwe Europese verordening voor Chemische stoffen treedt in 2007 in werking

De nieuwe Europese stoffenwetgeving REACH (Registratie, Evaluatie en Autorisatie CHemische stoffen) wordt naar verwachting in april 2007 van kracht. Met de invoering van REACH verschuift de verantwoordelijkheid voor een adequate risicobeheersing van chemische stoffen naar het bedrijfsleven. Tevens zal de Wet milieugevaarlijke stoffen (Wms) worden ingetrokken en de Wet milieubeheer (Wm) worden gewijzigd.

Bijna iedereen die beroepshalve chemische stoffen of preparaten produceert, in de EU importeert, distribueert of gebruikt, krijgt met REACH te maken.

Producenten en importeurs moeten alle chemische stoffen, geproduceerd of geïmporteerd in hoeveelheden vanaf 1 ton per jaar (behoudens enkele specifieke categorieën van chemische stoffen), registreren en informatie verschaffen over hoe de stoffen veilig gebruikt kunnen worden. De benodigde informatie is aldus uitgebreider dan momenteel op een veiligheidsinformatieblad (MSDS) staat. De uitbreiding bestaat uit blootstelling- en emissiegegevens en de veiligheids- en milieumanagement maatregelen die bij het gebruik van de stof moeten worden genomen. Deze veiligheidsinformatie dient te worden doorgegeven aan de gebruikers in de keten. Het gaat om zo'n 30.000 stoffen, waarvan een groot deel nog nooit eerder zijn getest op hun veiligheid.

Specifieke categorieën waarop REACH niet van toepassing is betreffen radioactieve stoffen, stoffen die onder douanetoezicht vallen, niet-geïsoleerde tussenproducten, vervoer van (gevaarlijke) stoffen en afvalstoffen.

In de REACH-verordening www.vrom.nl staat precies wanneer welke onderdelen van de verordening in werking treden. In het algemeen gelden de onderdelen die betrekking hebben op registratie van stoffen pas één jaar na de inwerkingtreding van de verordening.

Gezien de grote verantwoordelijkheid die bij de producenten en importeurs van chemische stoffen ligt is een proactieve houding raadzaam. Meer informatie is onder andere te vinden op de website van de SenterNovem helpdesk http://www.reach-helpdesk.nl. Op deze website zijn tevens enige applicaties te downloaden om te bepalen welke rol(len) uw bedrijf binnen REACH vervult en welke verplichtingen hier uit volgen.

Naar de nieuwsbrief



Nieuw: De Goede Praktijk en arbocatologi

De nieuwe Arbowet is van kracht. Branches en bedrijven krijgen de mogelijkheid om het arbobeleid voortaan meer naar eigen inzicht in te richten. Middelvoorschriften en arboconvenanten maken plaats voor doelvoorschriften en arbocalogi.

Mede vanuit onze expertise is Peutz gevraagd om zich aan te sluiten bij De Goede Praktijk, een netwerkorganisatie die zich richt op het ontwikkelen van arbocatalogi en daartoe alle benodigde disciplines in huis heeft. Naast alle arbo-deskundigheid is er ook expertise op het gebied van projectmanagement, automatisering en veranderkunde.

Op 15 februari 2007 organiseert De Goede Praktijk een middagsymposium waarvoor u van harte bent uitgenodigd. Het middagsymposium richt zich op:

  • de essentie van de nieuwe Arbowet
  • de kansen die de catalogus zou kunnen bieden
  • de manier waarop je een steengoede arbocatalogus maakt
  • talrijke praktijkvoorbeelden uit branches en grote bedrijven


In bijgevoegde pdf kunt u zien wat er deze middag allemaal op stapel staat. Meer informatie is ook te vinden op www.degoedepraktijk.nl

Via www.vhp-ergonomie.nl kunt u zich direct aanmelden voor het Middagsymposium arbocatalogus, 15 februari, 13.30-19.30 uur, Woerden.

Naar de nieuwsbrief



Studiemiddag Bouwakoestiek op dinsdag 6 februari 2007

Deze middag die Peutz opnieuw organiseert voor zijn relaties in de vestiging Mook, is bedoeld voor relaties die in de dagelijkse praktijk direct of zijdelings met het vakgebied Bouwakoestiek te maken hebben.

Uit contacten blijkt dat er bij relaties behoefte bestaat om de kennis over de bouwakoestische begrippen en streefwaarden, maar ook over de werkingsprincipes en toepassingsmogelijkheden van bouwakoestisch materialen, te verdiepen.

De kosten voor deelname en bijbehorende syllabus bedragen €175,- (excl. BTW) per persoon. Aanmelding kan tot 29 januari. De deelnemers worden op volgorde van aanmelding ingeschreven; de inschrijving sluit bij circa 25 deelnemers.

In het volgende programma wordt nader ingegaan op de te behandelen onderwerpen en worden de docenten geïntroduceerd.

13.15 - 13.30 uur Ontvangst
door Martijn Vercammen

13.30 - 14.15 uur Basisbegrippen
door Maarten Luykx
Geluidvoortplanting, frequentie, geluiddruk en geluiddruk-niveau, geluidspectrum, oorgevoeligheid, geluidisolatie en geluidabsorptie.

14.15 - 15.00 uur Te hanteren norm- en streefwaarden
door Paul van den Boogaard
Meetmethoden en grootheden, het beheersen van optredende geluidniveaus van apparaten en mensen, het bevorderen van een goede spraakverstaanbaarheid. Het realiseren van een voldoende (speech)-privacy en het bepalen van de benodigde geluidabsorptie en geluidisolatie in praktijksituaties.

Pauze

15.30 - 16.15 uur Akoestische kwaliteit op productniveau
door Theo Scheers
Meetmethode en grootheden, invloedsfactoren bepalend voor de geluidisolatie van verplaatsbare wanden, respectievelijk voor de geluidabsorptie van afwerkingsmaterialen.

16.15 - 17.00 uur Rondleiding door de laboratoria van Peutz

17.00 uur Afsluiting

Naar de nieuwsbrief



Cursus

Peutz werkt mee aan diverse cursussen en congressen. Dit betreft bijvoorbeeld de door Zadkine georganiseerde post MBO cursus geluid.

De cursus is bestemd voor technici die inzicht en kennis willen verwerven op het gebied van geluid en die nu o.a. werkzaam zijn bij de overheid (provincies, gemeenten, milieudiensten) en ingenieurs- of adviesbureaus. De opleiding verschaft praktische vaardigheden, gebaseerd op een begrijpelijke theoretische onderbouwing op mbo-niveau.

Twee keer per jaar, in januari en september, start er een nieuwe cyclus van lessen. Deze worden gegeven aan de Zadkine-locatie Prins Alexanderlaan 55 te Rotterdam. De opleiding bestaat uit 18 donderdagavonden. De lessen beginnen om 18.15 uur en duren tot 21.30 uur.

Voor nadere informatie over programma, onderwerpen en sprekers zie www.zadkine.nl.

Naar de nieuwsbrief



Holle vloerconstructies in de Brandweerkazerne Delft

In november 2006 is de nieuwe brandweerkazerne in Delft in gebruik genomen. Het gebouw wordt gekenmerkt door een separaat kantoorgebouw boven de feitelijke kazerne. Door het toepassen van holle vloerconstructies in het kantoorgebouw kon een parkeerlaag op het dak van de brandweerkazerne gerealiseerd worden, waarbij de gebouwhoogte beperkt bleef. Een dure, ondergrondse parkeergarage werd hiermee bespaard.

De brandweerkazerne omvat onder andere een crisisstafruimte, slaapvertrekken, uitrukgarage en bijbehorende werkplaatsen. Boven de tweelaagse kazerne is een verhuurkantoor gerealiseerd van vijf bouwlagen. Om te voorkomen dat een dure ondergrondse parkeergarage moest worden gemaakt, is op de tussenlaag een parkeerdek gemaakt op het dak van de uitrukgarage en de brandweerkazerne.

Om de separatie tussen de twee gebouwen visueel te maken is het kantoorgebouw verdraaid ten opzichte van de kazerne. Om esthetische redenen diende de tussenlaag zo open mogelijk te zijn: de dragende kolommen moesten licht en slank zijn. Tevens diende een lagere verdiepingshoogte in het kantoorgebouw gerealiseerd te worden om de totale gebouwhoogte beperkt te houden, passend binnen het bestemmingsplan. Waar voor de brandweerkazerne op de meer traditionele wijze is gebouwd, is in het kantoorgebouw een lichte, holle vloerconstructie gebruikt, waarmee de verdiepingshoogte is teruggebracht van 3,6 m tot 3,05 m.

De toegepaste Infra+ vloer is een lichte hybride constructie van breedplaatvloeren en stalen I profielen. Luchtkanalen, kabelgoten en verwarmingsbuizen worden in de holle vloer ingebouwd, waarmee een verlaagd plafond niet meer nodig is. De Infra+ vloeren worden geprefabriceerd, installatiecomponenten worden voorgemonteerd en de vloeren worden per element gestapeld waarna de installatie wordt afgemonteerd. Het concept voldoet hiermee aan de voorwaarden voor Industrieel, Flexibel en Demontabel (IFD) bouwen, een aspect dat goed past binnen het Duurzaam Bouwen. Met IFD-toepassingen wordt materiaal en energie bespaard en is hergebruik van de materialen mogelijk bij renovatie of sloop van gebouwen.

De luchtkanalen zijn in de holle vloeren ondergebracht. Vanuit het vloerplenum wordt de lucht tochtvrij ingeblazen via wervelroosters in de topvloer (verdringingsventilatie). Deze roosters zijn in principe gelijkmatig verdeeld over de vloer en zijn binnen een vertrek verplaatsbaar. Op plekken waar meer lucht nodig is, zijn meerdere roosters toegepast, bijvoorbeeld bij de hoekvertrekken in verband met grotere koelbehoefte.

Lichte vloerconstructies bieden bouwakoestisch gezien de nodige uitdagingen. Zowel de lucht- als contactgeluidisolatie naar de ondergelegen verdieping moeten voldoende zijn om hinder bij gebruikers te voorkomen. Ook de flankerende geluidisolatie via de vloerdelen, het omloopgeluid via het vloerplenum en de overspraak via de luchtkanalen dienen de nodige aandacht te krijgen. Door een goede afstemming van de verschillende componenten is een passende oplossing gevonden binnen het concept door toepassing van de juiste opbouw van de vloerconstructie en optimalisatie van de installatiecomponenten met betrekking tot de bouwakoestiek en installatiegeluid.

http://www.aeneas.nl

Naar de nieuwsbrief



Sabic Europe te Sittard: maskeringsinstallatie voor speech privacy in een open werkomgeving

Het nieuwe hoofdkantoor van Sabic Europe te Sittard heeft een interieur dat gekenmerkt door een grote openheid. Zes werkverdiepingen liggen in hoefijzervorm rondom en in open verbinding met een centraal atrium. Dit stelt speciale akoestische eisen om een voldoende "speech privacy" te realiseren op de werkverdiepingen.

Het hoofdkantoor van Sabic Europe te Sittard is zowel van buiten als van binnen een futuristisch kantoor. Het gebouw staat met zijn unieke uiterlijk naast het Fortuna Stadion te Sittard. In het gebouw is een van de meest moderne flexibele werkkantoren gerealiseerd. Deze werkverdiepingen kennen geen vaste werkplekken, maar zones met individuele en open kantoren, ontmoetings-, concentratie- en stilteplekken. Het is in deze ruimtelijke openheid van belang dat werknemers rustig kunnen werken en niet afgeleid worden door spraakgeluid van collega's. Dit spraakgeluid moet daarom wegvallen in het achtergrondgeluid om voldoende speech privacy te realiseren. Vanwege de ruime opzet van de werkplekken is het achtergrondgeluid dat medewerkers zelf creëren laag waardoor ondanks een hoge geluidreductie door absorptie (plafonds, wanden, tapijt, borstweringen en baleustrades) op natuurlijke wijze slechts beperkte speech privacy gerealiseerd wordt. Door het achtergrondgeluidniveau kunstmatig te verhogen is het gelukt een hoge mate van akoestische privacy te realiseren. Hiervoor is een systeem van luidsprekers boven het plafond aangebracht waarmee een kunstmatige gelijkmatige ruis verspreid wordt over de kantoorverdieping. Deze ruis met een neutraal karakter (als van een verkeersweg op grote afstand) is zo ingeregeld dat dit voor de werknemers niet hinderlijk is maar spraak van collega's wel maskeert. Daardoor is ondanks de openheid van het kantoor toch een hoge mate van speech-privacy gerealiseerd.

Naast de akoestiek is het klimaat voor de werkverdiepingen aan het atrium beschouwd. Vermeden moet worden dat in het gebouw een verticale temperatuurgradiënt optreedt, waardoor het op de bovenste verdiepingen veel te warm zou worden. Daarnaast zijn grootschalige luchtbewegingen ongewenst. Op basis van een Computational Fluid Dynamics (CFD) luchtstromingsberekening is gekozen voor een klimatiseringsconcept met mechanische luchttoevoer door middel van wervelroosters in het koelplafond en een afzuiging boven in het gebouw.

Naar de nieuwsbrief


Index | Website | Contact | Afmelden